Kerkhof

Deze pagina is werk in uitvoering.

Rond de oude kerk heeft een ringmuur rond de begraafplaats gestaan. Toen de kerk in 1777 klaar was is er een nieuwe ringmuur gemaakt. Hierna heeft er heel lang een lindehaag rond het kerkhof gestaan. Na 1877 heeft er waarschijnlijk ook een zg lijkenhuisje gestaan op het kerkhof. Op 15 juni 1906 werd het kerkhof rond de tsjerke gesloten en werd het nieuwe kerkhof geopend. Vanaf 2018 is gewerkt aan het kerkhof door de vrijwilligers van de doarpstsjerke. De bomen zijn gesnoeid, schelpen laag verwijder en de lindehaag is verwijderd. In het voorjaar van 2021 zijn de oude grafzerken weer zichtbaar gemaakt, recht gelegd, gelijmd en in kaart gebracht.

Grafzerken noordkant van de kerk

  1. Wepcke Sybes
  2. Cornelis Taeckes Coningh, Aerendt Cornelis Coning, Tierd Ypes 
  3. Antje Claese 
  4. Grietman Rintje Aytta,  Ydt van Mershorne 
  5. Liefke Jacobs, Albert Douwes Douma

Grafzerken zuidkant van de kerk

  1. Hiltje Hanses Blom 
  2. Jan Willems Booyenga 
  3. Beitske L. Mokma
  4. ?????
  5. Hedzer Pieter Rypstra 
  6. E,P de Groot
  7. Jan Pieter Reiding
  8. Gertje Dirks Wibada
  9. Renze Willems Kloosterman
  10. Renze Willems Kloosterman
  11. Eelck Gerrits 
  12. Sytske Sjoerds Boersma
  13. Dockter P.L de Boer 
  14. W de Boer Heppener 
  15. Jantje T de Groot
  16. Siek Simon Baarda
  17. Tjeerd S Baarda
  18. Jacoba Pieters Bos
  19. Geert Sjouckes
  20.  Johannes Engels van Minnen
  21.  Engel Minnes van Minnen
  22. Grietje Feenstra en Willemke Feenstra
  23. Johannes Jacobus Witteveen
  24. Trijntje van Elzinga Witteveen
  25. Jacoba Geertruida Talma 
  26. Mr. Frederik Witteveen

1. Wepcke Sybes

[Anno 1768] … [is in den heere gerust den eersamen Wepcke Sybes onder Meltselwier oudt zijnde [ontrent] 50 jaar en leit alhier begraven

De ouders van Wepke zijn Sybe Franses  (geboren rond 1685 in Metslawier) en op 3 juni 1708 getrouwd met Aafke Minnes in Metslawier, ze kregen 1 dochter. Na het overlijden van Aafke is Sybe getrouwd met Stijntje Wepkes. op 15 juni 1710 in de kerk van Anjum. Er werden 8 kinderen geboren waarvan 3 op jonge leeftijd overleden.  

Wepke (Wopke) Siebes (Sybes)  is geboren in januari 1719 in Metslawier, op 22 januari 1719 werd hij gedoopt in de kerk. Wepke Sybes is op 27-4-1755 gehuwd in de kerk van metslawier met Aeltje Pytters. Samen hebben ze 5 kinderen gekregen. De kinderen zijn gedoopt in de kerk. Zijn kleinkinderen kregen de achternamen Miedema, Attema, Reitsma en Helder. Een testament van 24-10-1768 geeft aan:

Vader Wepke Sijbes (ovl. Metslawier) Stijntie, oud in ‘t 13e, Sijbe, oud 11, Sytske, oud 9, Pieter, oud in ‘t 6e en Grietie Wepkes, oud in ‘t 4e jaar. Curatoren Anne Poulus, huisman te Jouswier en Folkert Cornelis te Morra zijn benoemd bij testament d.d. 23-8-1768 en verzocht om “Boerkerije op te houden”

Het gezin woonde op Fridshuistera State, Dit lag ten noorden van Metslawier. In 1738 was de weduwe van Sybe Franses de gebruiker en eigenaar was Hr Beijma. Rond 1885 is de state afgebroken en een weiland van gemaakt “Het Heegje “ genoemd.

2. Cornelis Taeckes Coningh, Aerendt Cornelis Cooning en Tierd Ypes

1667 den 15 maart is in de heere gerust den eersame en de seer discreten Cornelis Taeckes Coningh in leeven geweest geadmeteerde landtmeter olt sinde geweest 45 iaeren en de leit alhier begraven

Anno 1717 den 22 mei is in den heere gerust de eersamen Aerendt Cornelis Cooning in leven procureur postulant voor de gerechte van Ostdongeradeel olt in sijn 69 iaer en leyt hier begraven

1744 den 16 oktober is in de heere gerust Tierd Ypes out in sijn 75 iaer en leit alhier begraven

Cornelis Taeckes Coningh was herbergier en landmeter in Metslawier en getrouwd met Gertie Jacobs uit Dokkum. Toestemming voor het huwelijk is 20 januari 1644 verkregen te Ljouwert, ze zijn getrouwd op 11 februari 1644 te Ljouwert, Bijzonderheden: hij is adelborst.

Kind(eren):  Trijntie Cornelis Coningh  ± 1645-???? Aerent Cornelis Coningh  1647-1717 getrouwd met Bregtij Jans. Zij zijn getrouwd rond 1647. Kind(eren): Aerndt Cornelis Coningh  ± 1649-???? Jan Cornelis Coningh  ± 1653-???? Aeltye Cornelis Coningh  ± 1654-???? Gerye Cornelis Coningh  ± 1657-???? Take Gerrijts Coningh  ± 1660-< 1692 

Cornelis was in zijn jongere jaren voor zijn huwelijk adelborst. We zien dat vermeld worden in de akte van ondertrouw in 1644. Hij zal hoogstwaarschijnlijk hiermee gestopt zijn in 1644 of snel daarna. In de zeventiende eeuw was in Nederland de rang adelborst niet beperkt tot de zeevaart. De adelborst over de wapenen was belast met het inzetbaar houden van de wapens en uitrusting van de compagnie. Hij diende wapenlijsten bij te houden met de kenmerken van elk wapen en gebreken aan te bieden aan de hersteller. Het was een jonge officier in opleiding die zich nog moest bewijzen. Hij draaide een soort van “stage” binnen de compagnie om een juist beroepsbeeld voor later te kweken. Zo moest hij wachtcommandant zijn geweest voor minimaal een maand en vaardig zijn in het voeren van een vertragend gevecht. Sedert het laatst der 16de eeuw vindt men adelborst als benaming voor jongelui van goeden huize die op een schip dienst nemen om het zeemansvak te leeren; de benaming wordt zoowel bij de koopvaardij als op ten oorlog toegeruste schepen gebruikt en kan niet als de aanduiding van een bepaalden rang, althans niet van een bepaalden trap in een hiërarchie worden beschouwd. 

Op de grafsteen van Cornelis staat vermeld dat hij landmeter was. Op de grafsteen staat geadmeteerde landmeter. Geadmeteerde betekent ‘officieel aangesteld / toegelaten’. De hedendaagse spelling is geadmitteerd.

Hij noemt twee zoons Arend, de zoon uit het eerste huwelijk en de oudste uit het tweede huwelijk. We weten dat de zoon uit het eerste huwelijk nog leefde toen de tweede zoon Arend geboren werd. De naam is dus blijkbaar heel belangrijk. Arend Cornelis Coning is op de leeftijd van 68 jaar overleden op 22-5-1717, hij was procureur en gehuwd met Grietje Sipkes.

Tierd Ypes is overleden op 16 oktober 1744 op 75 jarige leeftijd. Hij moet rond 1669 geboren zijn. Tierd Ypes was getrouwd met Sipkjen Arents Coning op 27-9-1711 in de tsjerke van Metslawier. Sipkjen was een dochter van Aerendt Cornelis Coning. Rond 24 oktober 1717 zijn ze in Metslawier komen wonen vanuit Ee, ze hadden twee kinderen Grietie (geb 19-4-1716) en Wytske (geb 9-9-1714) In Mei 1720 zijn ze vertrokken naar Dokkum waar hij herbergier aan Blokhuister Espel werd. Sipjen Arents Coning was eerder getrouwd op 21-8-1707 met Douwe Douwes, (overleden)  samen hadden ze een dochter Antje Douwes. 

3. Antje Claese

 Anno 1652 den 18 october sterf de eerbare Ant… [Cl]aese dr eerst huisfrou van Beern Iacobs daerna van Ije Rinses en laest van Piter Piters out ontrent 67 iaer

18 oktober 1652 stierf Antje Klases, ze was getrouwd met Beern Iacobs daarna Ije Rinses en als laatste Pieter Pieters. Antje Klases was 67 jaar bij haar overlijden, ze moet dus geboren zijn rond 1585.

4. Grietman Rintje Aytta en Ydt van Mershorne

In t iaer [ons heeren 1]563 de 18 february sterf Yde Mershorne

… de … Rin[tse va Aytta] …

Ydt van Mershorne (overleden op 18-2-1563) en haar man Rintje Folkerts van Aytta. (overleed op 15 april 1570)

In het Genealogysk Jierboek van 2011 vinden we onder andere:

Op 15 april 1570 overlijdt Rintse Aytta, “con. Mat. Grietman in Dongerdeel etc., Yde Mershorne man, tot Metselwyer begraven”.88 In 1571/1572 laat Viglius uit zijn Friese bezittingen 100 gulden uitkeren aan Janeke Rommers “vedue van wylen Reyntze Aytta, myn heer Viglius scoensuster”.89 In 1571/1572 levert Cummer Villems voor 20 gg. Een “groot blauw graffstein op salige Ryntze ons broeders graff tot Metselvier […] sonder het houwen, twelck tot nochtoe niet en hebben moegen doen overmidts die piraten” (i.e. Watergeuzen).

YTTA (Rintje van), broeder van viglius, geboren 3 Julij 1509, moest reeds als zesjarig kind de treurige gevolgen der onlusten beproeven, welke te dier tijd Friesland teisterden; den 28 Januarij 1515 toch zag zijne moeder zich gedrongen om, wilde zij het leven behouden, met hem en zijnen jongeren broeder en jeugdiger zuster naar Leeuwarden te vlugten, aangezien Jancko Douwema en zijne medestanders de vaderlijke stins Barrahuis overvielen. Hij werd in 1552 Grietman van Oost-Dongeradeel, en toen hij zijne benoeming ontvangen had, stonden de ingezetenen der grietenij hem bij eene akte van 27 Januarij van dat zelfde jaar toe het ambt aan te nemen, doch onder voorwaarde, dat hij er voor waken zou, dat de oude privilegiën, regten en voorregten nageleefd werden, en dat hij niet te Dockum, maar, volgens oud gebruik, in de grietenij zou wonen en de geregtszittingen op de de gebruikelijke plaatsen houden. Toen hem nu eenige jaren later een request van Burgemeesters van Dockum, werd in handen gesteld, waarbij zij verzochten dat den Grietmannen van Oost- en West-Dongeradeel mogt gelast worden om hunne regtzittingen in die stad te houden, beriep hij zich op bovengemelde akte, en verwees de inleveraars van het request naar de ingezetenen zijner grietenij, die daarover alleen konden beslissen. Als getrouw aanhanger van Keizer Karel V en Koning Filips II, zag hij met smart, dat hunne zaken hier te lande dagelijks achteruit gingen, en bood, zoo veel hem doenlijk was, hunne medestanders moedig wederstand. Eindelijk overviel hem eene ziekte, waaronder hij in April 1570 bezweek. Bij zijne beide echtgenooten Ida Hettema en Johanna Rommarts had hij geene kinderen, maar buiten echt had hij eenen zoon, Johannes Rintzius genaamd, die naderhand geestelijke werd. ( natuurlijke zoon Mr.Joannes, kanunnik te Arien )

Zie Baerdt van Sminia, Nieuwe Naaml. Van Grietman., bl. 78 en 80.

Aytta stond als zeer Spaans gezind bekend. De watergeuzen waren van 1568 tot 1580 actief in Oost Dongeradeel. De lijst van Watergeuzenmanschappen die gepakt en terecht zijn telt 15 Dokkumers en vele anderen uit de Dongeradelen waaronder 3 uit Oosternijkerk. Met name de kerken, kloosters werden aangevallen en leeggeroofd met uitzondering van de kerken van Peasens en Oosternijkerk.

In 1569 ging het klooster de Weert in vlammen op bij een inval van de Watergeuzen (die regelmatig in de Dongeradelen aan land kwamen). Volgens grietman Rinthje van Aytta kwamen de Geuzen op 20 augustus 1569 aan in de Scholback (tegenwoordig Friese Gat). Ze plunderden het klooster, waarbij ze al het tilbare meenamen, waaronder de lakens waarop in zwart garen de namen van de nonnen waren gestikt. In 1570 wordt de zilveren kelk gestolen uit de kerk van Wetsens.

5. Liefke Jacobs / Albert Douwes Douma

Den 13 7ber 1691 is is in den heere ontslapen den eerbaren en deughtrycken Liefke Iacobs laest de huisvrou van Jan Doeckles executeur in Oostdongerdeel out ontrent 36 iaer ende leit alhier begraven

Ick legh int graf sonder beklagh
Verwacht alsoo den iongsten dagh
Dan sult ghy …

Ao 1772 den 6 7ber is overleeden de eersame Albert Douwes Douma meederegter van Oostdongeradeel oud drie entzeeventig iaar min agt daagen en leidt alhier begraven

Dees cerk bedeket het koud gebeent
Van een van Ieesus heilgemeent
Die nuttig was voor kerk en staat
Voor weeuw en wees een toeverlaat
Betreur met zyn Andromeda
Oostdongeradeel uw grote schaa

Liefke Jacobs is gestorven op 13-09-1691, ze was gehuwd met Hendrik Tjeerds en na diens overlijden met Jan Doekeles.  Jan Doekeles Adema was een zoon van Doekele Obes Adama en Reinou Hettes; Na het overlijden van Liefke trouwde Jan Doekeles met Ijntje Jacobs geboren rond 1653 in Oosterend. Tijdens hun trouwen op 21-3-1695 woonde ze in Holwerd.

Liefke was 36 jaar en had drie kinderen, Doetie Hendrix kind van Hendrik Tjeerds en Doekle Jans (3 jaar) en Fokel Jans ( 6 weken) kinderen van Jan Doekeles toen ze overleed. Jan Doekeles Adema was executeur en boer, gebruikte Unia State.

Albert Douwes Douma geboren op 14-09-1699 en overleden op 06-09-1772 in Metslawier. Zijn ouders waren Douwe Douwes en Janke Alberts. Hij was gehuwd met Trijntje Jans. Ze kregen 9 kinderen. Albert was (mede) rechter van Oost Dongeradeel.

6. Hiltje Hanses Blom

Den 11 apr 1779 gestorven Hiltje Hanses Blom oud 24 jaaren en 7 maanden

Door swaare pijnen en waaters nood
Ben ik gescheiden tot de dood
En hoop dat god ten jongsten dag
My by de vroome stellen mag

Hiltje was de dochter van schoolmeester Hans Sytzes Blom en zijn vrouw Antje Hanses. In Mei 1762 kwam de familie vanuit Boorbergum naar Metslawier waar Hans Blom schoolmeester werd. Het echtpaar had 5 kinderen waarvan Hiltje overleed op 24 jarige leeftijd in Metslawier. Hiltje leed kennelijk aan een ziekte die met de term Waatersnood werd aangeduid. Rond die tijd was er in ieder geval geen sprake van storm en dijkdoorbraak. Mogelijk gaat het hier om waterzicht of oedeem. Maar het kan ook met zwangerschap te maken hebben gehad.

In 1776 werd de zoon Sytze Blom de opvolger van zijn vader als schoolmeester. Het gezin woonde in de onderwijswoning + schoollokaal aan de Tsjerkebuorren. (pand met opschrift Anno 1770.

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven